dinsdag 3 februari 2026


                                                                                                                                                                                                                                                    (Philip Renard 2013)

Luisteren

 

    door Philip Renard

 

Als je nu luistert, beste vrienden,

luistert naar Dat wat jou nu in staat stelt

om mee te maken,

    louter mee te maken,

dan kun je waarschijnlijk gemakkelijk opmerken

dat dit eigenlijk heel bijzonder is –

waarschijnlijk ook dat dit nét grootser is

en groter en vooral werkelijker

dan de trilling of beroering of beklemming

die vol suggestieve associaties is die

(vanwege berichten over gevaar)

kunnen opduiken en je innerlijk kunnen meesleuren.

 

Inderdaad, deze tijd is verschoond

van enige zekerheid of geruststelling.

Deze tijd lijkt wel ‘rauw’ te zijn,

      vlakbij       (ondanks de fysieke afstand),

maar dat is misschien juist een gelegenheid

om iets directer in contact te komen met

Dat wat je werkelijk bent.

 

Wat ik met luisteren bedoel is een luisteren

naar het meest echte, werkelijke dat jij bent.    

     ‘Je ware natuur’ noem ik het vaak,

maar elke uitdrukking kan snel een cliché worden,

waardoor je niet meer komt tot

het luisteren ernaar.

 

Het luisteren waar ik het over heb is niet

het luisteren naar een ander, of naar een herinnering

of een ‘troost’.

    Ik bedoel luisteren naar Jezelf,

naar Dat wat werkelijk van binnenuit

jou constant licht verschaft,

wat constant, continu, huidig, kennen mogelijk maakt,

geheel voorafgaand aan enige invulling van dat kennen.

 

‘Kennen’ is voor velen een raar woord,

heb ik wel eens gemerkt.

‘Meemaken’ klinkt veel gewoner. Ik bedoel

met beide termen eigenlijk precies hetzelfde.

Beide woorden duiden Dat aan wat

‘het wezen van het wezen’ is,

de essentie van de essentie’.

De taal houdt hier op, omdat juist het

‘meemaken’ oftewel ‘kennen’

er eerst moet zijn voordat je één woord

kunt noemen.

 

Kennen oftewel meemaken heeft niets koels hoor.

Soms beluister ik wel eens iets waarin

een snakken doorklinkt naar andere termen.

‘Het hart’, ‘liefde’, ‘mededogen’ enzovoort.

Zodra je echt luistert naar Dat wat jou

doet kennen, wat voor jou elk meemaken

mogelijk maakt, zul je wellicht tranen voelen

opwellen, zul je geraakt worden door het

ongelooflijk grootse, het onpeilbare geschenk

van Licht en Liefde dat binnenin

dit ‘doodnormale meemaken’ vervat zit.

De grootsheid  van je eigen vermogen tot kennen,

ja, Kennen-op-zich,

dat is zo onmetelijk groots, en zo

ongelooflijk zacht en lieflijk!

 

Als je nu luistert,

naar Dat wat ‘dit’ zo echt maakt, zo werkelijk,

dan kun je meteen zien, of voelen,

dat ook ‘dit’ (dwz. zonder enige invulling van ‘dit’,

dus nog geen sprake van bijvoorbeeld beklemming)

eigenlijk nog niet verschilt van

Dat wat dit zo echt maakt, zo werkelijk.

 

Je kunt niet roepen: ‘Wees niet bang!’

Nee natuurlijk niet. Die trilling was al opgekomen

voordat je op het idee kwam om iets te roepen

als poging om dit te bedwingen.

Vandaar mijn uitnodiging om te zien

wat Dat is wat al voorafging aan die trilling.

Wat is Dat wat dit allemaal kent, ziet, meemaakt?

 

Wees gezegend in Dat,

in Dat wat je bent.

  

Geen opmerkingen:

Een reactie posten